|
|
‘Het financieringsmechanisme van de gemeenten is een labyrint van koterijen’, schrijft Jean-Marie Dedecker over het fusiespook dat hij boven de Vlaamse politiek ziet hangen. Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Bart Somers, al jarenlang haantje de voorste van de Mechelse Open VLD, die in zijn eigen stad enkel nog titelvoerend burgemeester is, maar in zijn schepencollege de wet gedicteerd wordt door een meerderheid van Groen, bevalt met de regelmaat van een Mechelse koekoeksklok van een of ander koekoeksei. Bartje wil nu het aantal Vlaamse gemeenten terugbrengen van 300 naar een 100-tal. Let’s Go Urban zou Sihame El Kaouakibi zeggen.
‘Uit de hype rond klimaatverandering slaagt het er zelfs niet in om een electorale trui te breien. Door het energiedebat hangt het nu in de touwen’, schrijft Jean-Marie Dedecker naar aanleiding van de beslissind die de federale regering nam over de kernuitstap en de aankomende voorzitterswissel bij Groen. Jarenlang samen in de parlementaire oppositie zitten doet wat met een mens. Het Stockholmsyndroom wenkt dan, ook al zijn de ideologische verschillen dieper dan een ravijn, zoals tussen mij en Meyrem. Ik heb daarom te doen met haar. Rondborstig in lijf en leden, maar ook in kameraadschap. Bij elk weerzien een amicale kus en een wederzijdse politieke kwinkslag. Nooit meel maar quinoa in de mond, en veel haar op de tanden. Toch valt het nu wat tegen dat ze zich bij haar defenestratie als partijvoorzitter verschuilt achter de stereotiepe excuses van vrouwelijke racistische discriminatie, en de hakbijlcultuur van de sociale media. Geen enkele partij wordt meer gepamperd in onze vegetarische woke-kranten dan Groen. Bij de verkiezingen van 2019 stemde 43 procent van de Waalse journalisten op Ecolo. Hoe verwerpelijk en achterlijk de bullebakcultuur van het idiote twitterende trollenleger ook is, de onlinebagger wordt altijd onbeheerst op elk politiek hoofd gekapt die boven het maaiveld uitsteekt, ongeacht of het een man of een vrouw is.
‘Kernenergie is eigenlijk onmisbaar’, schrijft Jean-Marie Dedecker na het akkoord dat de federale regering bereikte over de levensduurverlening van de jongste kernreactoren. Oorlogsmisdadiger Vladimir Poetin heeft in ons land twee politieke levens gered, deze van Vivaldi en die van Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke. De morele verontwaardiging en het medeleven van onze bevolking met de vluchtelingen van de oorlogsellende in Oekraïne verdrong het wansmakelijk crèchebeleid en het calimerogedrag van onze Welzijnsminister naar het tweede plan, en door de explosie van de gasprijzen konden de Vivaldisten zonder gezichtsverlies een bocht maken van 180 graden in het dossier van de kernuitstap. Voor de Open Vld is bochtenwerk geen punt, want die partij heeft al meer ideologische U-turns gemaakt dan er haarspeldbochten liggen op de racecircuits van Francorchamp en Zolder samen. Premier Alexander De Croo is een politieke ballonvaarder die zoveel ballast overboord gekieperd heeft om hogerop te komen dat hij nu in ideologisch ijle lucht zweeft. De ecologisten lachen nu echter groen als een boer met kiespijn. Het was altijd een groene mantra van de sandaalpartij, gekoppeld aan de idee dat energie zo duur moest worden dat we er minder zouden gaan verbruiken, en zo van onze brandstofverslaving zouden afkicken.
‘Sport is bij uitstek een voorbeeld van de op hol geslagen meritocratie’, schrijft Jean-Marie Dedecker. ‘Equal pay, equal play, zou je zeggen, maar dat is het niet.’ Op 8 maart werd er voor de 111de keer “Internationale Vrouwendag” gevierd. Het feestgedruis werd dit jaar echter overstemd door het wapengekletter van een dolgedraaide Russische macho. Deze gedenkdag een viering noemen is op zich al een eufemisme. Het is traditioneel kalendergejammer vol van discriminatieriedels over het glazen plafond, de loonkloof, #Metoo, gendertoiletten, grensoverschrijdend gedrag, quota…
Als je iemand vraagt om te ontwapenen, is het niet meer dan logisch dat je hem militaire steun en manschappen verleent als hij aangevallen wordt, vindt Jean-Marie Dedecker. Het is precies anderhalve week geleden dat gewezen EU-commissaris Karel De Gucht in Terzake op Canvas verkondigde dat Vladimir Poetin Oekraïne nooit zou durven binnenvallen. Dezelfde nacht rolden Vladimirs tanks al over de grens, richting Kiev. Het orakel van Berlare werd op een paar uur tijd gedegradeerd tot Commical Ali. De wegens beschuldigingen van corruptie afgezette ex-NAVO-baas Willy Claes werd ook nog uit de mottenballen gehaald en op als expert in loze prognoses opgevoerd. Hij stond er in de jaren 90 radeloos bij en liet Ratko Mladic ongehinderd Sarajevo naar het stenen tijdperk bombarderen. De Nederlander Frans Timmermans, vicevoorzitter van de Europese Commissie, beweerde zelfs dat Poetin een oorlog ontketende om de klimaatcrisis te verdoezelen.
Als we de werkloosheidsval niet aanpakken, raken we nooit aan een werkzaamheidsgraad van 80%’, schrijft Kamerlid Jean-Marie Dedecker over het Belgische arbeidsmarktbeleid, en de regionale verschillen in ons land. Ik behoor tot een generatie dinosauriërs die zelfs op zaterdagmorgen nog op de schoolbanken zat. Dit werd pas afgeschaft in 1973. Niet omdat men vond dat we evenveel wijsheid konden opdoen met een halve dag minder onderwijs, maar wegens de oliecrisis, om te besparen op de verwarming. Het was toen iedere dag dikke-truien-dag en op de Dag des Heren hield men zelfs Autoloze Zondagen. Op mijn twaalfde werd ik al “jobstudent”. Paas- en zomervakantie, elke dag als bakkersknechtje met een bakfietsbroodronde aan de slag, zonder dag verlof en voor 2.500 frank (62 euro) per maand, net genoeg om een fiets te kopen, om op 1 september fier naar het college te pendelen. Stakhanovisme (niets ontziende werklust) werd ons met de moedermelk meegegeven, en luiheid was het oorkussen van de duivel. Een vierdaagse werkweek zou toentertijd spottend een verlengd-weekend-regime genoemd worden, en aan de “dop” kreeg je een schuldgevoel. Ik ben dus redelijk vooringenomen als men over arbeidsduur en -ethiek praat. Elkeen is het product van zijn opvoeding.
Jean-Marie Dedecker staat stil bij de stijgende energiefacturen, en de werking van de intercommunales. Terwijl ons land straks haar zeven kernreactoren uitdooft, plant de Franse president Emmanuel Macron in Gravelines, op een boogscheut van De Panne, twee nieuwe kernreactoren, naast de reeds bestaande zes. Op 10 km, vlak voor de kust en precies op de grens met België, zal hij ook een windmolenpark van 55 km² en 600 MW neerpoten, bestaande uit 46 turbines van elk 300 meter hoog. Over die Franse kernuitbreiding ‘vlak over de schreve‘ wordt door onze dirigenten angstvallig gezwegen, maar tegen de bouw van de offshore-klimaatminaretten met een hoogte van de Eiffeltoren stappen ze naar de rechter. Enerzijds terecht, want ze doorkruisen vis- en vaarroutes, maar anderzijds merkwaardig omdat onze politieke windhanen zelf een windmolenpark met 80 turbines van elk 252 meter hoog plannen in het hinterland van de kust, vanaf de Franse grens in De Panne tot in Jabbeke langs de E40.
|
|
|