Archief

zondag 27 februari 2022

Willen we wel nog werken?

Als we de werkloosheidsval niet aanpakken, raken we nooit aan een werkzaamheidsgraad van 80%’, schrijft Kamerlid Jean-Marie Dedecker over het Belgische arbeidsmarktbeleid, en de regionale verschillen in ons land.

Ik behoor tot een generatie dinosauriërs die zelfs op zaterdagmorgen nog op de schoolbanken zat. Dit werd pas afgeschaft in 1973. Niet omdat men vond dat we evenveel wijsheid konden opdoen met een halve dag minder onderwijs, maar wegens de oliecrisis, om te besparen op de verwarming. Het was toen iedere dag dikke-truien-dag en op de Dag des Heren hield men zelfs Autoloze Zondagen. Op mijn twaalfde werd ik al “jobstudent”. Paas- en zomervakantie, elke dag als bakkersknechtje met een bakfietsbroodronde aan de slag, zonder dag verlof en voor 2.500 frank (62 euro) per maand, net genoeg om een fiets te kopen, om op 1 september fier naar het college te pendelen. Stakhanovisme (niets ontziende werklust) werd ons met de moedermelk meegegeven, en luiheid was het oorkussen van de duivel. Een vierdaagse werkweek zou toentertijd spottend een verlengd-weekend-regime genoemd worden, en aan de “dop” kreeg je een schuldgevoel. Ik ben dus redelijk vooringenomen als men over arbeidsduur en -ethiek praat. Elkeen is het product van zijn opvoeding.

zondag 20 februari 2022

Transportnetbeheerders van elektriciteit en gas doen gouden zaken

Jean-Marie Dedecker staat stil bij de stijgende energiefacturen, en de werking van de intercommunales.

Terwijl ons land straks haar zeven kernreactoren uitdooft, plant de Franse president Emmanuel Macron in Gravelines, op een boogscheut van De Panne, twee nieuwe kernreactoren, naast de reeds bestaande zes. Op 10 km, vlak voor de kust en precies op de grens met België, zal hij ook een windmolenpark van 55 km² en 600 MW neerpoten, bestaande uit 46 turbines van elk 300 meter hoog. Over die Franse kernuitbreiding ‘vlak over de schreve‘ wordt door onze dirigenten angstvallig gezwegen, maar tegen de bouw van de offshore-klimaatminaretten met een hoogte van de Eiffeltoren stappen ze naar de rechter. Enerzijds terecht, want ze doorkruisen vis- en vaarroutes, maar anderzijds merkwaardig omdat onze politieke windhanen zelf een windmolenpark met 80 turbines van elk 252 meter hoog plannen in het hinterland van de kust, vanaf de Franse grens in De Panne tot in Jabbeke langs de E40.

zondag 13 februari 2022

Wil de politietop eerder een kneuzenbrigade dan een keurkorps?

‘We moeten er hardnekkig over waken dat diegenen, die onze vrije samenleving moeten beschermen en ons behoeden voor de criminelen, over de nodige vakbekwaamheid en integriteit beschikken’, schrijft Jean-Marie Dedecker.

De politie heeft 500 speurders tekort om de zware criminaliteit te bestrijden en er is geen enkele champetter meer in dienst om de kunstrovers te klissen. Nochtans een noodzaak. Met 146,7 overvallen per 100.000 inwoners voeren we volgens Eurostat “The European Robbery Rate” hitparade aan, gevolgd door Spanje met 134,3 en Portugal met 108. Zweden met 86,8 gewelddadige struikrovers, Nederland met amper 47,3, en Frankrijk met 43,8 komen ver achter ons. Dan zijn de gewone diefstallen nog niet meegerekend want “robbery is stealing from someone by using fysical forces, weapon or threat.”

Eigenlijk geen wonder in een land waar de verkeersovertreders als de echte criminelen worden achtervolgd omdat ze de boetekassa doen rinkelen, en waar onze pakkemannen de indruk hebben dat justitie eerder de draaideurcriminelen en dito gespuis beschermt dan henzelf.

zondag 6 februari 2022

Tsaar Poetin gijzelt Duitsland en chanteert tandeloos Europa

Jean-Marie Dedecker overschouwt de spanningen met Vladimir Poetin. ‘Als het echt te moeilijk wordt, gaat het Westen wel op de knieën voor de destructiviteit van de machiavellistische autocratische crimineel in het Kremlin en zijn verdeel- en heerspolitiek.’

Dankzij mijn vorig leven als judocus kon ik in de jaren tachtig van vorige eeuw tientallen reizen maken achter het IJzeren Gordijn.

Ik ontdekte al vlug dat je – om communist te zijn – dol moest zijn op wodka en rode kool, dat je graag in de rij wilde staan om te winkelen, en dat je het ook niet erg moest vinden om gemuilkorfd en geëxecuteerd te worden.

Na een paar bijkomende sportstages in Cuba verbrandde ik mijn T-shirt van Che Guevara en ontwaakte dan ook al vlug uit mijn linkse mei-68-dromen om tot een generatie te behoren die liever een raket in zijn tuin had dan een Rus in zijn keuken.